Welkom bij Karin Westerink, Coaching en Training

Karin Westerink Coaching en Training

Machteloosheid

Wat ken ik dat goed, het machteloze gevoel dat iets niet lukt, ik iets niet kan veranderen of dat ik iets niet kan krijgen zoals ik het wil. Een app die niet meer werkt en ik krijg het niet voor elkaar m weer te laten werken. De toegang tot een webwinkel is zo slecht, knoppen die ik kan aanklikken maar die niet melden waarvoor ze zijn, een meldingsscherm op mijn computer waar ik niet uit kom of die ik niet weg krijg. De weg kwijt zijn en ik heb haast, maar er is niemand in de buurt om me te helpen. Op de fiets willen springen en even naar een vriendin willen fietsen, het kan niet, nooit meer. De visuele handicap veroorzaakt veel situaties die soms frustrerend en machteloos makend zijn.
In de kern gaat het altijd over blind zijn en dat niet willen zijn. Een werkelijkheid die ik niet wil, maar op geen enkele manier kan veranderen. Ik sta machteloos tegenover dit lot. En kom in veel situaties terecht die me confronteren met de vele beperkingen die dit lot met zich meebrengt.

 

En nu vraag ik me af wat mij hielp en helpt om constructief om te gaan met al die frustraties en met de grote pijn die eronder ligt. Het antwoord is niet eenduidig, bestaat uit vele grote en kleine lessen. Maar in essentie gaat het allemaal over hetzelfde. Begrijpen en accepteren waar ik machteloos ben en waar ik wel macht over heb. Erkennen dat dit zo is en onnodige strijd laten varen. Maar is dat dan een passief berusten en alles over me heen laten komen?

 

Reageren op machteloosheid

Wat niet constructief is, maar wel begrijpelijk en vaak ook mijn eerste reactie op situaties die me frustreren en machteloos maken, is boos worden. en met die boosheid kan ik twee kanten op. Ik kan die boosheid richten op anderen, zij zijn dan schuldig aan mijn situatie. Het bedrijf dat de website niet toegankelijk genoeg heeft gemaakt, De werkgever of de collega die niets begrijpt van werken met een visuele beperking. Of de oogarts die me vertelde dat ik slechtziend of blind zou worden kan het verkeerd gezien hebben, is onzorgvuldig, onverschillig, een slechte arts.
De andere kant op is boos op mezelf. Ik doe het niet goed, ik kan het niet, ik ben een looser en ben een zielenpoot die niet meer mee kan doen. Een 'zie je wel' dat ik uiteindelijk buitenstaander ben en altijd zal blijven. Alleen, uitgelachen, afgewezen, voor niemand de moeite waard.

 

In de eerste reactie ben ik verongelijkt, boos en machteloos. Met de tweede manier van reageren maak ik mezelf een slachtoffer en word ik klein en zielig en krachteloos. Wat ook machteloos is.

Wat beide vormen niet-constructief en ondermijnend maakt is dat er een kramp van machteloosheid blijft. Het is een vicieuze cirkel die zichzelf in stand houdt, zolang ik geen andere keuze maak in mijn reageren op de situatie. Mezelf als slachtoffer blijf zien of mezelf slachtoffer maak door mezelf in gedachten naar beneden te halen.

 

Andere keuze

Voordat ik een andere en meer constructieve reactie kan kiezen, is het nodig dat ik eerst zie wat er aan de hand is. De werkelijkheid ontdoen van mijn reactie. Wat vaak overblijft is een situatie die niet is zoals ik wil dat deze is. Een app werkt niet meer, een website is niet toegankelijk voor mij, ik ben de weg kwijt, het kost veel moeite en concentratie om mijn weg te vinden en soms vind ik de weg niet zonder de hulp van een ander. Ik kan mijn werk niet meer naar behoren uitvoeren, de oogarts heeft een moeilijk te bevatten boodschap voor me. Ik kan niet meer zelfstandig fietsen of autorijden.

 

Zelfonderzoek

Vervolgens kan ik kijken naar de gedachten en emoties ( vaak verstrengeld met elkaar) die ik bij de situatie heb. En me afvragen wat er 'waar' is van de gedachten. Klopt het dat anderen iets fout doen om mij dwars te zitten? Is het waar dat de arts niet capabel is? Kan ik nergens meer naartoe als ik niet zelfstandig kan fietsen of autorijden? Klopt het dat ik een stom mens ben en altijd buitenstaander zal zijn? Klopt het dat ik niet de moeite waard ben? Ook de emoties bekijk ik. Ben ik boos of is er onder die boosheid pijn die aangekeken mag worden en kan ik die aankijken zonder weg te kijken? Ik voel me machteloos, maar ben ik dat ook? Waar heb ik invloed op en waarop niet?
Kortom, veel reflectie en zelfonderzoek is er nodig om de werkelijkheid te ontdoen van mijn automatische, vaak emotioneel geladen reacties.

 

Oorzaak van lijden

Via het Boeddhisme leer ik dat me ergens van afkeren of tegen verzetten (de werkelijkheid niet willen zoals die is) of verlangen/ begeerte (iets willen wat er niet is) beide oorzaak zijn van ons lijden. En dat we dit lijden kunnen opheffen door met volle aandacht te ervaren wat zich in je voordoet, zonder het te beoordelen, te versterken of te bestrijden. Zo kan de verkramping die verlangen en afkeren eigenlijk zijn, verdwijnen. Onze verantwoordelijkheid’ ‘ligt niet in het veranderen of bestrijden van wat er is, maar in het ervaren van de werkelijkheid van ons leven zoals het is. Met aandacht voor alles wat er aan gedachten, opvattingen en emoties in je opkomen, zonder oordeel of eraan te hechten. Er is dus een uitweg uit de machteloosheid en de pijn om alle frustraties. Dat vraagt wel inzicht en oefening. Want de automatismen in reactie op frustrerende situaties zijn sterk en vaak ook jarenlang ingesleten. Lang heb ik oprecht geloofd in mijn gedachten aan hoe verschrikkelijk mijn lot was en dat mijn leven voorgoed nauwelijks de moeite waard was. Wat ik ook probeerde. Ook was en is het een hele kunst me toe te wenden tot pijn in plaats van me af te wenden.

 

Een kooi

Uiteindelijk verdwijnt de machteloosheid als ik kan toelaten dat ik met al mijn wilskracht en doorzettingsvermogen de uiteindelijke werkelijkheid dat ik blind ben niet kan veranderen. Dat dit het is waarmee ik het moet doen. Een kooi, een beperkte ruimte, waarbinnen mijn leven zich afspeelt. En dat het aan mij is om het in die kooi zo aangenaam mogelijk te maken. Er is wel veel wilskracht en doorzettingsvermogen nodig om in die kooi dat te kunnen doen wat ik kan en wil. Ik heb moeite moeten doen om aanpassingen te maken zodat ik op de computer en in de buitenwereld op mijn manier mijn weg kan vinden. Die manier is anders en beperkter dan hoe het was. Daartoe moet ik me iedere dag verhouden als de werkelijkheid die er is. Maar ik heb onderscheid leren maken tussen waar ik invloed op heb en waarop niet.

Soms is het nodig daarover verdriet te laten stromen. Want als ik dat niet doe, wordt het een kramp van boosheid en ram ik met mijn vuisten op de tralies. Maar ik verander er niets mee. Ik kan huilen van boosheid en frustratie, maar dat soort huilen is van een heel andere energie dan huilen van verdriet. Dit laatste is zacht en zonder kramp. Het stroomt zonder dat ik iets tegenhoud. Er is geen strijd of afwenden of vastklampen meer.

 

Blijven verlangen

Tot slot is het ook belangrijk en nodig wel te blijven verlangen. Een ander soort verlangen, namelijk het verlangen naar leven, naar het vinden van mijn plek en zin in het leven. Dat is niet iets dat ik weet of bedenk, maar wat ik al levend en zoekend binnenstap. Daarvoor is het nodig dat ik mijn beelden en verlangens van hoe het zou moeten zijn of mijn streven naar het bereiken van een doel in de toekomst moet laten varen. Van zo wil ik het of zo moet het zijn naar zo is het en daarmee leef ik, met aandacht , bewustzijn en benieuwdheid naar waar het me brengt.

 

Kramp-verlangen is een hunkeren naar één bepaalde uitkomst die we zelf hebben bedacht, het is een voorwaardelijk verlangen. Dit verschil tussen de manier waarop we de dingen waarnemen vanuit wens en voorwaarde en zoals ze werkelijk zijn, is de basis van onze strijd met het verlangen. Hoewel een van de meest gebruikte Boeddhistische lering is dat verlangen de oorzaak is van lijden, is dit een misinterpretatie. Niet het verlangen maakt dat we lijden, maar ons krampachtig vasthouden aan het voorwaardelijk verlangen. Dat vastklampen ken ik als het voortdurend najagen van iets dat er niet is, of het afkeuren van iets dat er wel is. Ja, ook afkeuren is een vastklampen, want erachter ligt dat ik iets anders wil. Dat wat er is weg moet of moet veranderen. Allemaal een strijd. Stoppen met strijden dus. Verdwijnt dan het verlangen?

 

Zodra ik stop met vechten, ontstaat er eerst rust. En in die rust kan ik kijken wat er onder dat oppervlakkige verlangen ligt. Als ik goed kijk, kan dat verlangen een kompas worden. Ik kan dan zien dat mijn verlangen om toegang te krijgen tot een webshop eigenlijk gaat over kunnen functioneren in de digitale wereld. vastgeklonken aan dat verlangen zit de voorwaarde dat dit zonder moeite moet gaan. Als ik dat loslaat en accepteer dat de moeite onderdeel is van mijn werkelijkheid, dan valt al heel veel strijd weg. Dan accepteer ik dat het soms niet lukt of met wat meer gedoe uiteindelijk wel lukt.

 

Hoewel het triviaal lijkt, kunnen functioneren in de digitale wereld, ligt juist de mogelijkheid om dat te kunnen in het aanvaarden dat het nooit zal gaan zoals ik het wil, of zoals anderen het kunnen. Mijn motto 'als het niet kan zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan' werkt hierbij goed. Maar diep hieronder ligt mijn groeiende besef dat dit mijn werkelijkheid is, dit de riemen zijn waarmee ik moet roeien. En in dat besef ontspan ik meer en meer. Verandert het machteloze gevecht in een meebewegen met het leven. en blijft verlangen een kracht die me voortstuwt, met ieder moment mijn verantwoordelijkheid dat verlangen niet te willen grijpen en naar mijn hand te zetten. Dat is mijn zoektocht. Naar leven waarin verlangen mij de weg wijst zonder moeite. Het opent een wereld vol mogelijkheden voor me. Balancerend tussen ontspannen zijn met wat er is en een dieper weten volgen. Machteloos alleen daar waar ik weet dat lot en leven niet te veranderen zijn. Dat het erom gaat het leven zonder voorwaarde te leven.

 

© Karin Westerink

 

< Terug naar mijn blogoverzicht